Maurits van der Sluis: 'We willen van het gebied een leuke plek maken'
Maurits van der Sluis - COO RAI Amsterdam

“We willen van het gebied een leuke plek maken”

“Uitbreiden? Een klein beetje, met eerst een nieuwe hal in 2019. Maar voor de rest: vol inzetten op de plek waar we nu zijn en op de competenties die we hebben.” COO Maurits van der Sluis laat weinig twijfel bestaan over de ambities en de vastberadenheid om van RAI Amsterdam en zijn directe omgeving een leuke plek te maken.

Vanuit de spreekkamer op de negende verdieping van het Elicium heeft hij een bevoorrecht zicht op de bouwwerf onder hem. De eerste bouwlaag van het Nhow hotel, straks goed voor 650 kamers, zit achter glas. Het beton van de tweede bouwlaag droogt uit onder een schuchter septemberzonnetje en op zeventig meter hoogte zijn arbeiders bezig aan de bekisting voor de derde bouwlaag. Dat schiet op!
“Als we onze bijdrage in stadsontwikkeling en -vernieuwing voluit willen leveren, hebben we dit soort projecten nodig” zegt chief operating officer Maurits van der Sluis van RAI Amsterdam. “De afgelopen jaren hebben we fors geïnvesteerd in onze eigen infrastructuur om nieuwe doelgroepen te kunnen aantrekken, maar in dat plaatje ontbrak een hotel. Dat wordt volgend jaar dus anders. De combinatie van onze vergadercapaciteit, de 650 kamers van Nhow en de metro als directe link naar het centrum van Amsterdam zorgt ervoor dat we ons beter kunnen positioneren op het speelveld voor meerdaagse internationale evenementen.”

Multifunctioneel en circulair

Toen de plannen voor het Elicium werden uitgetekend, was er binnenskamers nog discussie: gaan we voor enkele vergaderzalen en veel kantoren, veel zalen en enkele kantoren, of doen we half-half? Even later volgt een soortgelijke discussie wanneer de plannen voor een parkeertoren op tafel liggen: wat doen we met dat ‘ding’ wanneer er in de stad straks geen auto’s meer zouden rijden? De oplossing? Multifunctioneel en circulair bouwen met het oog op morgen: een deel van de parkeergarage kan zo omgebouwd worden tot een additionele beurshal of op lange termijn zelfs tot kantoorruimte.
Maurits van der Sluis: “RAI behoort nu al tot de Europese top 3 wat bezettingsgraad betreft. Maar het kan natuurlijk altijd nog een beetje beter. Van de 500 evenementen die we op jaarbasis te gast hebben, zijn er twee dozijn grote beurzen. Die nemen onze volledige capaciteit aan beursvloer in beslag, hebben meerdere dagen of zelfs weken opbouwtijd en vinden in het klassieke beursseizoen plaats: van half januari tot eind april en van midden september tot midden december. Maar omdat we ook een aanzienlijke congres- en vergadercapaciteit hebben – goed 90 zalen in totaal – slagen we er beter dan andere venues in om de lege plekken in de agenda op te vullen. En dat heeft belangrijke voordelen. Eén: het is er nooit een dooie boel, want er is altijd wel iets te doen. Twee: we kunnen onze medewerkers het hele jaar door inzetten en kunnen een beroep doen op ‘vaste’ flexwerkers die met het huis vertrouwd zijn. Drie: er is een meer gespreide stroom van inkomsten. We zijn nu nagenoeg een volcontinu bedrijf.”

Vlekkenplan

In het voorjaar maakte Integrated Systems Events, organisator van de gelijknamige vakbeurs voor audiovisuele technieken, bekend dat ISE vanaf 2021 in Fiera Barcelona plaats vindt. Sinds de eerste editie in 2004 was het evenement dermate gegroeid (vorig jaar nog 1.300 exposanten en 80.000 bezoekers) dat RAI te krap wordt en de groeiambities van ISE in de weg staat. ISE wil verdubbelen als beurs, – dat is de enige reden om te vertrekken uit Amsterdam. Pijnlijk? Vast wel, voor een COO die gepokt en gemazeld is in acquisitie en sales. Maar geen reden om de schouders te laten hangen.
Maurits van der Sluis: “Zo’n aangekondigde verhuizing is niet prettig, maar het bewijst wel dat we goed zijn in ons vak: evenementen laten groeien, optimale omstandigheden creëren voor organisatoren, exposanten en bezoekers, mee nadenken over het te volgen traject…”
“Dat bewijzen we niet alleen hier in Amsterdam, maar overal in de wereld. In de negentiger jaren hebben we met onze internationale projecten wel eens een bloedneus opgelopen, maar nu hebben we de zaken beter onder controle en kunnen we overal aardige groeicijfers optekenen. Neem nou Aquatech China: met 2.000 exposanten en meer dan 80.000 bezoekers heeft deze spin-off het moederevent in aantallen ruim voorbijgestoken!”
“Moeten we dan hier in Amsterdam bijbouwen? Ja, maar de mogelijkheden zijn eerder beperkt. We hebben een gedetailleerd vlekkenplan gemaakt. Daaruit blijkt dat er binnen de bestaande contouren misschien nog een beetje capaciteitsuitbreiding mogelijk is, maar we zullen het toch vooral van inbreiding moeten hebben. En van andersoortige groei dan meer vierkante meters.”

Ideaal maatje

“Vroeger had een exposant op een vakbeurs vele tientallen of zelfs honderden vierkante meters standoppervlakte nodig om al zijn spullen te kunnen uitstallen. Vandaag geeft diezelfde exposant jou een virtuele rondleiding door een fabriek die in Tokyo staat, – op een standje van 12 vierkante meter.”
“Volgend jaar word ik voorzitter van EMECA (European Major Exhibition Centers Association, RED), dus ik ben met die jongens van 20, 30 en 40 hectaren voortdurend in gesprek. We hebben ‘maar’ honderdtienduizend vierkante meter, maar we kunnen er wel alle kanten mee uit. Het ideale maatje, toch?”

Financiële verankering

Eind 2016 besliste de Gemeente Amsterdam om haar aandelen in dertig commerciële bedrijven van de hand te doen. Op het lijstje stonden onder meer Amsterdam ArenA, Koninklijk Theater Carré en RAI Amsterdam.
Maurits van der Sluis: “We praten met heel veel loketten: bouwprojecten, infrastructuur, openbaar vervoer, milieu, ondernemen, cultuur, toerisme, verkeer… En dat loopt prima.”
“We hebben de financiële verankering met de gemeente niet nodig om ons als een loyale, betrouwbare en dynamische partner op te stellen. In 2005 hebben we met Strand Zuid een zeer tastbare opening gemaakt naar de lokale bevolking en onmiddellijk hebben we begrepen dat dit een cruciale stap was: RAI en zijn directe omgeving moet een leuke plek zijn, niet alleen voor buitenlandse bezoekers, maar ook voor wie in de buurt woont. We willen verbonden zijn met dit stadsdeel: mensen hier moeten het fijn hebben. Alleen dan kunnen we onze rol als gastheer op een optimale manier spelen.”

Amsterdam te vol

“De jongste tijd hoor je links en rechts in de stad stemmen opgaan dat Amsterdam te vol is en dat het te druk is en dat de toeristen naar huis moeten… Wat zou dat? Natuurlijk is het druk in Amsterdam! In elke wereldstad is het druk! Deze zomer was ik in Groningen en zelfs daar was het druk…”
“Wat ik mis in die protesten is nuance: er is een verschil tussen drukte en overlast. Een congresganger rijdt niet om halfdrie ’s nachts laveloos en lallend op een bierfiets door de straten van het centrum. Dat doen de deelnemers aan de zoveelste vrijgezellenparty. Mijn boodschap aan de Amsterdammer is duidelijk: elke euro die in congres- en beursactiviteiten geïnvesteerd wordt, brengt de stad en de regio het zevenvoudige op. Dus wellicht is het geen slecht idee om dat soort activiteiten te koesteren.”

Buiten de ring

Na elke gemeenteraadsverkiezing is er wel een nieuw raadslid dat met het idee op de proppen komt om de RAI te verplaatsen. Zuidelijk van de ringweg, maar het liefst ook bezuiden de A9.
Maurits van der Sluis glimlacht minzaam wanneer we de denkpiste op tafel leggen. “Wij baseren onze toekomststrategie volledig en ondubbelzinnig op ontwikkelingen die vanaf deze plek en binnen de huidige perimeter hun beslag zullen krijgen. Net als elk ander commercieel bedrijf willen we groeien. Die groei ligt ten eerste in de ontwikkeling van bestaande en nieuwe internationale evenementen in Amsterdam. We hebben een klein spaarpotje voor acquisitie van evenementen in Amsterdam en in het buitenland.”
“Twee: we willen voluit gaan voor verdere digitalisering. Dat moet ons in staat stellen om elke dag van het jaar een betekenisvolle rol te spelen voor de communities die we met onze evenementen bedienen.”
“De derde grote pijler houdt verband met onze rol binnen dit stedelijk ecosysteem: we willen op een duurzame manier welvaart creëren. Dat is een groeiproces. In mijn wildste dromen komt geen enkele (diesel) vrachtwagen hier nog het terrein op, maar worden alle spullen met elektrisch, zelfrijdend goederenvervoer aangevoerd vanaf een centraal depot buiten de stad. Daar zijn we nog niet, maar het streven is er wel.”

Plint RAI Amsterdam

De afgelopen jaren kaapte RAI Amsterdam de ene onderscheiding na de andere weg: beste werkgever van Nederland, Green Key voor duurzame vergaderaccommodatie, topranking bij AIPC, award voor Best International Venue…
Sinds in 2009 het eerste duurzaamheidsverslag verscheen, trekt RAI steeds uitdrukkelijker de kaart van duurzaamheid op een drievoudige as: het creëren van sociale return voor individuen en voor de samenleving, een klimaatneutrale bedrijfsvoering en de duurzame ontwikkeling van mensen en markten. Eigen en gastevenementen worden gewogen op hun bijdrage aan zes doelstellingen die het bedrijf heeft geselecteerd uit de zeventien duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties. Procedures en processen worden voortdurend bijgesteld om hun ecologische impact te verminderen. Maar dat betekent geenszins dat ook de ambities naar beneden bijgesteld worden.
Maurits van der Sluis: “We hebben voldoende redenen om aan te nemen dat we in de komende jaren meer baat zullen hebben bij inbreiding – ons servicepakket nóg beter laten aansluiten bij wat organisatoren, exposanten en bezoekers willen – dan bij uitbreiding. Waar we wél vragende partij en promotor zijn, is voor een ‘plint’ rondom de RAI. Ik heb er voorlopig nog geen betere term voor gevonden, maar de idee is dat je rondom het complex een concentratie van horeca, retailzaken en diensten creëert om de buurt nog meer dynamiek en aantrekkingskracht te geven en de RAI een volwaardig onderdeel van het stadsdeel van te maken. De pas geopende metrolijn is een uitstekend vehikel om onze bezoekers na gedane zaken snel en efficiënt naar het centrum van de stad te krijgen, maar in onze visie kan het ook andersom. Mensen van elders in de stad die een paar uur hierheen komen om te shoppen, een glas te drinken of een hapje te eten. Het Europaplein moet een leuke plek worden. Ook die paar dagen per jaar dat er in de RAI niks te doen is.”