Interactieve animatie | Expovisie

Interactieve animatie

Een beursbezoek moet ook een beetje een feest zijn. Animatie op de stand brengt bezoekers in de juiste stemming om uw boodschap waar te nemen, te begrijpen en te onthouden.

Een beursbezoek moet ook een beetje een feest zijn. Animatie op de stand brengt bezoekers in de juiste stemming om uw boodschap waar te nemen, te begrijpen en te onthouden.

 

Nog een stap verder dan animatie, gaat interactieve animatie. Het interactieve aspect nodigt de bezoeker uit om actief deel te nemen aan de animatie en er op die manier zelfs deel van uit te maken. Omdat bezoekers op dat moment actief en bewust deelnemen, verhoogt de retentiewaarde van de beleving.  

Zelfs op vakbeurzen vormen de bezoekers die goed voorbereid naar een manifestatie trekken en precies weten wat ze waar te weten willen komen, een minderheid. Een meerderheid van de bezoekers vertrekt met een vaag idee over wat er op de beurs te zien zal zijn, struint wat door de gangen, houdt hier en daar halt om iets te bekijken en loopt eens langs op de stand van een leverancier die ze kennen.

 

Allerhande impulsen

De hele aanwezigheid van de exposant moet erop gericht zijn de aandacht te bundelen. Een maximaal aantal bezoekers moet een boodschap waarnemen, interpreteren, begrijpen en tot het besluit komen halt te houden. Dat hele mechanisme duurt hooguit enkele seconden en speelt zich voor het grootste deel in het onderbewustzijn af. Allerhande impulsen beïnvloeden het eindresultaat – stoppen of doorlopen – en het gedrag van de bezoeker.

Een beurspresentatie met een grote impact op de bezoekers moet een maximaal aantal impulsen uitzenden die het resultaat in de gewenste richting – stoppen, dus – kunnen beïnvloeden. Die impulsen zijn zowel cognitief van aard: de slogan “XY verdubbelt uw rendement” die vanuit het gangpad zichtbaar is, als intuïtief: visuele, auditieve en sensorische prikkels die als aangenaam worden ervaren en bezoekers ertoe aanzetten halt te houden.

Instinctief zijn we op beweging en verandering gericht. Verandering en beweging stimuleren onze waarneming.  Daarom zit het eerste speelgoed van peuters vol beweging en kleur. Ook de volwassen beursbezoeker laat zich op dezelfde manier prikkelen en beïnvloeden. Kleur en beweging trekken ons onwillekeurig aan.

 

Doorlopen of halt houden

Het complexe en grotendeels in het onderbewustzijn verlopende proces “doorlopen of halt houden” wordt gevolgd door een oriëntatiefase: Waar ben ik? Wat gebeurt hier? Wat betekent dat voor mij? Wie is hier nog meer? Op al deze vragen zoekt de bezoeker intuïtief een antwoord.

Op dit  moment moet standanimatie de bezoeker bespelen. Hij is dan immers het meest ontvankelijk voor uw boodschap. Het optimale resultaat bereikt u met animatie die de bezoeker uitnodigt om in interactie te treden. Daardoor verandert hij van een passieve observator en ontvanger van impulsen in een actieve deelnemer aan wat op de stand gebeurt. Zo verhoogt de retentiewaarde van de indrukken die hij op de stand opdoet.

Interactiviteit tilt de bezoeker als het ware op een hoger bewustzijnsniveau en stimuleert hem om actief om te gaan met de impulsen die geboden worden. Mits goed aangepakt, geeft interactieve animatie de bezoeker de indruk dat hij zelf aan het roer staat. Hij wordt uitgenodigd mee te bepalen welke richting de animatie uit gaat.

 

Mensen spelen graag

De talloze televisiespelletjes en de kruiswoordraadsels in kranten bewijzen het. Mensen spelen graag. Ze laten zich graag op hun kennis testen en zoeken daarin een bevestiging van hun kennis en kunde. Ook op de stand kan een kwis(je) een leuke manier zijn om met bezoekers in interactie te treden. Kwissende mensen trekken andere mensen aan en als u het slim aanpakt, kunt u het bereik van uw boodschap maximaliseren door ze in de kwis binnen te smokkelen.

Wenst u op de stand met een kwis uit te pakken, bespreek dan ruim vooraf alle aspecten met de standbouwer: hoe moet de kwiszone in de stand ingepland worden, hoe wordt het geheel multimediaal ondersteund, waar kunnen toehoorders zich opstellen, wat gebeurt er na afloop van de kwis enzovoorts. Ook over de inhoud en de moeilijkheidsgraad van de vragen moet vooraf grondig worden nagedacht. Bezoekers-toehoorders moeten voldoende geboeid zijn om even te blijven luisteren, kandidaten moeten de kwis als een haalbare kaart ervaren.

 

Kop(stand)zorgen

Omdat bijna alle (goeie) interactieve animatie oploopjes veroorzaakt, is dit type animatie in de praktijk vaak aangewezen op kopstanden en eilandstanden. De animatie wordt dan haaks op de looprichting van de bezoekers georiënteerd; in deze configuratie fungeren de eerste toehoorders als een soort stopper voor de andere bezoekers die de stand naderen.

Het is niet de bedoeling dat de bezoekers na de animatie zomaar weg lopen. Voor de standmedewerkers is het einde van de animatie het signaal om in actie te schieten en een maximaal aantal bezoekers aan de haak te slaan. Hoe korter de animatie, hoe vaker ze herhaald kan worden en hoe groter de potentiële vangst.  

Om in het visserijjargon te blijven: de cyclus animeren-vangen levert de beste resultaten op wanneer de animatie als een fuik op de stand ingepland wordt. Bezoekers die aan de animatie deelnemen of wensen deel te nemen, worden steeds verder de stand opgelokt zonder dat ze langs diezelfde weg terug kunnen.  

 

Data verzamelen

Heel lang was interactieve animatie beperkt tot sympathiek bedoelde volksspelen die goedschiks dan wel kwaadschiks in het standconcept ingepast werden. De spectaculaire boom van allerhande informaticatoepassingen heeft de aard en vooral de doelmatigheid van interactieve animatie danig veranderd. Zowel voor collectieve als voor individuele toepassingen kunnen in een recordtijd scripts op maat geschreven worden die perfect beantwoorden aan de communicatiedoelstellingen en een voldoende fungehalte hebben om het beoogde doelpubliek te boeien.

Interactieve elektronische animatie is een uitstekend middel om van de bezoekers een aantal zaken te weten te komen die ze in andere gevallen misschien minder snel prijs zouden geven.  Door op deze manier waardevol marktonderzoek in een spelvorm te verpakken, wordt de drempel verlaagd.

(Uit Expovisie 576)