Expovisie 572: Exposeren in Spanje | Expovisie

Expovisie 572: Exposeren in Spanje

Spanje bouwt naar de hemel

 

Wie in Spanje aan een beurs wil deelnemen, komt in Barcelona, Madrid of Valencia terecht. Deze drie steden zijn de drie belangrijke poorten naar de Spaanssprekende wereld.

Spanje bouwt naar de hemel

 

Wie in Spanje aan een beurs wil deelnemen, komt in Barcelona, Madrid of Valencia terecht. Deze drie steden zijn de drie belangrijke poorten naar de Spaanssprekende wereld.

Barcelona, Madrid en Valencia hebben een totaal verschillend temperament en geopolitieke achtergrond, maar toch zijn het drie belangrijke poorten naar de Spaanssprekende wereld. En hoe verschillend Spanjaarden van het noorden en het zuiden ook mogen zijn, een paar kenmerken hebben ze wel gemeen.

Wie wel Spaans maar niet de Spanjaarden kent, gaat ervan uit dat mañana morgen betekent. Niet dus! Mañana betekent gewoon: er zijn een paar mensen die dit nog even willen bekijken.

Sinds de doorstart van Spanje als constitutionele monarchie met een parlementaire democratie is het land geëvolueerd van een fascistische boerenstaat naar een moderne Europese natie. Met name de toetreding tot de Europese Unie in 1986 heeft het land in een economische stroomversnelling gebracht.

Dat betekent echter niet dat het bureaucratische monster is lamgelegd. Vooral in grote en staatsondernemingen heerst nog vaak een stempelcultuur die erg verschilt van het commerciële en klantgerichte élan in de private sector. Probeer daarom zo snel mogelijk een beeld te krijgen van de organisatie die uw gesprekspartner vertegenwoordigt. Gaat het om een kleine privé-onderneming, dan is de kans reëel dat u dezelfde taal spreekt. Gaat het om grote ondernemingen met (een deel) staatskapitaal, dan moet u ervan uit gaan dat het een stuk langer duurt voor u een deal heeft. De sterk hiërarchische organisatie zorgt ervoor dat elk voorstel een lange weg langs “jefe’s” moet volgen alvorens er groen licht wordt gegeven.

 

Grootste splijtzwam

Spanjaarden zijn trots dat ze Spanjaard zijn. In hun ogen is Spanje nog steeds die grote zeevarende natie die het onbekende deel van de wereld in kaart bracht. Maar het Spanje van vandaag is een complexe natie.

Spanje is een verdeeld land. Met de taal als grootste splijtzwam streeft Spaans Baskenland, de regio rond de steden Bilbao en San Sebastian, te vuur en te zwaard naar volledige autonomie. Catalonië, met Barcelona als hoofdstad, heeft sinds het begin van de tachtiger jaren een verregaande autonomie, maar ook in de noordwestelijke provincie Galicië gaan opnieuw separistische stemmen op. De Castilianen verwijten de Basken en Catalanen einzelgängers te zijn, in omgekeerde richting wordt de Castilianen arrogantie en centralisme aangewreven.

Het is essentieel dat u weet wie u voor u heeft. Een Catalaanse regionalist zal het vervelend vinden Castillaans (“klassiek” Spaans) te moeten spreken, een Bask vertikt dat gewoon. Frans of Engels zijn dan bij voorkeur de voertaal. Grapjes over politiek, regionalisme of separatisme worden niet op prijs gesteld; refereren aan terrorisme en terrorismebestrijding is uit den boze. Zelfs met onschuldige onderwerpen als voetbal moet u oppassen: de aanhoudende strijd om het hoogste schavotje tussen FC Barcelona en Real Madrid is een emanatie van de politieke strijd die veel Spanjaarden bezig houdt.

 

Orgullo

Wat de Spanjaarden wel bindt, is de trots over hun gezin en hun gehechtheid aan de kerk. Van alle Europese landen heeft Spanje het grootste aantal (katholieke) feestdagen en elk dorp heeft zijn eigen Feria, een religieus feest dat meerdere dagen duurt en niemand wil missen. Tijdens die week ligt het openbare leven lam en ook van zakendoen komt dan niet veel in huis.

De Spaanse trots is een concept dat zelfs in Nederlandstalige smartlappen is doorgesijpeld, maar in de praktijk blijkt het veel minder fictioneel. Spanjaarden zijn trots op hun land en op alles wat Spaans is. Meer nog: ze kunnen heel moeilijk begrijpen dat iemand niét trots is op zijn vaderland, zijn tradities, zijn (volks)cultuur. Sarcasme of zelfs ironie over uw eigen land wordt even weinig gewaardeerd als ironie over Spanje en wat Spaans is. Wat de Spanjaarden zelf “orgullo” noemen, kunnen we het best omschrijven als “collectieve fierheid”. Spanjaarden zijn fier op wat hen omringt en ze vinden het erg fijn als u hen daarin volgt.

 

 

Madrid op één

Het Spaanse beurzenlandschap wordt volledig gedomineerd door de Feria de Madrid, een complex met 150.000 vierkante meter tentoonstellingsruimte in tien hallen. Op dit ogenblik zijn in Madrid werken aan de gang voor 2.850 supplementaire parkeerplaatsen. Zodra die gedaan zijn, wordt een aanvang gemaakt met de bouw van de hallen 12 en 14, die de totale oppervlakte op 200.000 vierkante meter moeten brengen. Hal 14 wordt een gebouw met twee verdiepingen, hal 12 moet ook voor andere evenementen dan (vak)beurzen ingezet kunnen worden. Gedacht wordt onder meer aan sportmanifestaties en exploitant IFEMA droomt dan ook al luidop dat de Olympische Spelen in 2012 naar Madrid komen.

Inzake vakbeurzen verbrak IFEMA in 2004 overigens zijn eigen record met 75 vakmanifestaties op jaarbasis. IFEMA ging in 1980 van start als een joint-venture tussen de Madrileense Kamer van Koophandel, het stadsbestuur, het provinciebestuur en Caja de Madrid. De oprichting maakte een einde aan een absurd decreet uit mei 1943, dat stipuleerde dat vakbeurzen niet in Madrid, maar in de “secundaire” steden Valencia, Barcelona, Saragossa en Bilbao moesten plaats vinden. Het eerste jaar dat de Feria de Madrid operationeel was, werden vijftien vakbeurzen georganiseerd, goed voor 2.200 exposanten en een miljoen bezoekers. @k:In 25 jaar groeide de jaarlijkse omzet van 1.4 miljoen euro naar 154 miljoen euro. Madrid is goed voor 43% van de internationale beurzen die op Spaans grondgebied plaatsvinden, Valencia in het zuiden en Barcelona in het noorden voeren een nek-aan-nek race met respectievelijk 19% en 18%.

 

Bouwkoorts in peloton

De Feria de Valencia opende haar deuren lang voor Madrid, in 1917, en is één van de stichtende leden van de Union des Foires Internationales (UFI). Feria de Valencia beschikt over 231.000 vierkante meter tentoonstellingsoppervlakte, verdeeld over acht hallen. Jaarlijks vinden er zowat veertig vakevenementen plaats, waarvan de helft als internationale manifestatie geldt. Ook in Valencia wordt gebouwd dat het een lust is: de hallen 3 en 4, die eind dit jaar af moeten zijn, hebben telkens drie niveaus en brengen de totale capaciteit op meer dan 270.000 vierkante meter.

Als één van de hipste steden van Europa kon ook de Catalaanse hoofdstad Barcelona niet achterblijven in de race naar méér. Fira de Barcelona bouwt aan een ambitieus complex op 2,5 kilometer van het huidige complex Montjuïc.

Het Gran Via M2, een architecturaal hoogstandje van de Japanse architect Toyo Ito, zal 240.000 vierkante meter tentoonstellingsoppervlakte tellen bovenop de 100.000 bestaande van Montjuïc. Daardoor schiet Barcelona in 2007 meteen door naar de top drie (in oppervlakte) van de Europese tentoonstellingsparken.