Al ben ik soms wat traag met omarmen | Expovisie
Christophe Landuyt

Al ben ik soms wat traag met omarmen

In België hebben we sinds kort ‘eco-realisten’. Dat is een nieuwe categorie burgers en politici die enerzijds gekant zijn tegen alles wat zweemt naar ecologisme, en anderzijds beseffen dat ze niet langer weggeraken met de bewering dat er met het klimaat niks aan het handje is.
Eco-realisten zijn tegen klimaatmarsen en zoomen graag in op de troep die na zo’n klimaatmars in straten en op treinen achterblijft. Ze vinden doorgaans ook dat er nog wel wat tijd is om een oplossing te verzinnen voor ons op hol geslagen gebruik van niet-hernieuwbare energiebronnen. En nog zo’n paar dingetjes, – maar leest u die alstublieft elders na. Ik wil het hier niet over politiek hebben, wel over weggezet worden met een label op je voorhoofd.

Argumentum ad hitlerum

Ik was in gesprek met een paar fijne mensen die echt wel veel over beurzen weten. Het ging uiteindelijk over digitalisering, het argumentum ad hitlerum voor wie een boom over live communicatie wil opzetten. Mijn gesprekspartners waren felle voorstanders van apps , dingetjes op de smartphone die op één of andere manier de interactie tussen een beursbezoeker en een standmedewerker moeten faciliteren. U hoort al aan mijn toon dat ik daar niet echt voor geporteerd ben…
Ik ben geen Luddiet. Nieuwe technologie vind ik prima, – al ben ik soms wat traag met omarmen. Leuk dat een app je vertelt welke exposanten eiwitrijke granenrepen in de aanbieding hebben. Tof dat een app je toont hoe je het snelst van stand 6B47 in hal 6 naar stand 10F17 in hal 10 loopt en waar je onderweg nog een plas kan doen. Maar voor het overige blijft mijn smartphone waar hij thuishoort: in de broekzak.

Biecht

“Wát?”, vroegen mijn gesprekspartners verbijsterd. “Check jij niet in op Foursquare en Facebook? Tweet jij niet welke standen je bezoekt en met wie je aan het praten bent? Post jij geen selfies op Instagram?”
Neen dus! Ik probeer met concentreren op waar het bij beurzen écht om gaat: kijken, zien, horen, luisteren, proeven, beleven. Vragen stellen aan wie zo te zien even de tijd heeft om mijn vragen te beantwoorden.
Door mijn ‘biecht’ veranderden de krachtverhoudingen in het gesprek vrijwel onmiddellijk. Ik werd weggezet als old school, als de ouwe zak die niet moet weten van technologie en innovatie. Ik was plotseling de eco-realist van het gezelschap.
Wat ik verder ook zei, deed er niet meer toe: ik was tegen en dat is he-le-maal fout. Ik kon nog zo mijn best doen om mijn gesprekspartners te overtuigen dat ik niét tegen was en dat ik hooguit de one-to-one live interactie tussen twee individuen wou beschermen van verdere vertechnologisering, in de ogen van mijn gesprekspartners zat ik ernaast. Liep ik achter. Kon ik het verder wel schudden.

Investeren in digitalisering

De komende vier jaar wil Koelnmesse 50 miljoen investeren in digitalisering. Ik heb het persbericht met toegeknepen billen gelezen. Krijgen we straks ook allerhande appjes made in Cologne die een goed gesprek moeten vervangen?
Gelukkig bleek het in eerste instantie te gaan om digitalisering van interne processen, van de communicatie met exposanten, leveranciers en bezoekers en van de verkeersgeleiding. Die witte kampbeenhouwers verdwijnen en er komen strakke digitale borden van Samsung in de plaats die je meertalig tonen hoe je bij parking P4 komt. Oef…
Deze ouwe zak heeft zichzelf van pure opluchting een pilsje geoffreerd.